OVERLEVEN

DENEMARKEN Er zijn steeds meer Vattenfall-medewerkers die op zee werken. De wind en het weer op zee zijn vaak heftiger dan aan land, en als het er werkelijk wild aan toegaat, kun je maar beter goed voorbereid zijn. Het is gewoon een kwestie van overleven!

Als een kurk danst Bjarne Christesen op de hoge golven op en neer, gekleed in een oranje overlevingspak. Samen met negen anderen levert hij een gevecht met een huilende storm met kletterende regen, onweer en bliksem, om een lichtgevende reddingssloep te bereiken die oneindig ver weg lijkt. De locatie zou het ruige water van de Noordzee kunnen zijn, en de tien mannen en vrouwen in het water de overlevenden van de bemanning van een gezonken schip dat hen naar het offshore windpark zou brengen.

Daar in het wild golvende water vindt Christesen het allemaal zo realistisch dat het ook een beetje alarmerend is. In werkelijkheid bevindt hij zich in het bassin van 1200 m2 van Falck Safety Services in de buurt van Esbjerg, in Denemarken, en neemt hij deel aan de verplichte survival training op zee voor mensen die offshore werken. De regen komt uit een sprinkler die staat opgesteld voor een enorme windmachine die de ‘storm’ creëert. De ruwe zee is het werk van een krachtige golfgenerator. Dit is het enige zoutwaterbassin in Europa, met dezelfde opwaartse druk als op zee – een eis van de Zweedse commando’s en de politie, die net als de Denen in het centrum in Esbjerg trainen.

De tien in het oranje geklede figuren in het water maken deel uit van een groeiende groep mensen die offshore werken, en die elke dag de gevaren van de zee trotseren zodat jouw waterkoker, tv en de lamp boven je tafel kunnen werken op groene stroom die afkomstig is van gigantische offshore windmolens. Iedereen wil schone energie, maar er zijn maar weinig mensen die uitzicht op een windmolen willen hebben. Daarom worden ze steeds vaker ver uit de kust op zee geplaatst, waar de servicetechnici onder totaal andere omstandigheden dan aan land moeten werken. Je rijdt niet eenvoudig in je auto naar je werk, en als er een ongeluk gebeurt, kun je niet even een ambulance bellen.

Christesen is een ervaren servicetechnicus voor windmolens bij Vattenfall, en een van de deelnemers van de cursus. “De zee gedraagt zich niet altijd zoals wij het zouden willen. We moeten leren omgaan met de soms heftige omgeving waar we in werken”, zegt hij. “In zee vallen lijkt misschien niet zo erg, maar het kan je leven in gevaar brengen als je niet weet hoe je moet reageren of als je niet de juiste kleding aan hebt om het een paar uur in dat water uit te houden. En het punt is dat niemand echt weet hoe hij zal reageren als hem zoiets overkomt. De cursus is opgezet om ons zelfvertrouwen te geven als we in een noodsituatie in het water proberen te overleven, zodat we niet in paniek raken.”

Normaal brengt een boot de werknemers naar de windmolen, maar als het weer zo slecht is dat een boot de windmolen niet goed kan bereiken gaan de technici per helikopter. “Het kan ook gebeuren dat de boot of de helikopter ons door bijvoorbeeld dichte mist of hevige storm niet op kan halen”, verklaart Christesen. “Dan halen we op de begane grond van de windmolen onze slaapzak, matras en ons avondeten – proteïnebiscuits en water – op, slapen we 70 meter boven de zeespiegel in het turbinehuis en wachten we tot het weer opklaart.”

BIJ ELKAAR BLIJVEN
De tien deelnemers hebben een dag in een leslokaal doorgebracht en testen nu hun theoretische kennis. Het aantrekken van een overlevingspak met nauwsluitende manchetten en grote laarzen eraan vast is de eerste lastige uitdaging van de dag. Daarna een sprong in het water vanaf een drie meter hoge toren die de zijkant van een schip moet voorstellen.

Plop, plop, plop – de cursisten verdwijnen onder water voordat ze te midden van schuimende luchtbellen weer boven komen. Ze oefenen de foetushouding – waardoor het lichaam minder warmte kwijtraakt – en vormen dan twee lange kettingen, houden elkaar vast met de benen en proberen op hun rug met gelijkmatige bewegingen de reddingssloep te bereiken. Op open zee is het cruciaal om bij elkaar te blijven en elkaar te helpen. Door een ‘ongelukkig toeval’, in scene gezet door de instructeurs, komt de sloep omgekeerd in het water te liggen. Ole Bigum, Offshore projectdirecteur bij Vattenfall moet bewijzen dat hij hem met één hand kan omkeren. Hij moet vechten om zich op de bodem van de sloep te werken voordat hij hem over zich heen kan trekken waardoor hij onder de sloep terecht komt. Iedereen is opgelucht als na een paar seconden z’n hoofd naast de sloep verschijnt.

“Om op zee te kunnen werken moet je fysiek fit zijn, zowel voor je eigen veiligheid als voor die van je collega’s. Onder gewone dagelijkse werkomstandigheden kun je op zee veilig werken!”, benadrukt Christesen.

Deelnemers oefenen het redden van een collega op open zee in een reddingstuig.

DE VOLGENDE HALTE IS ENGELAND
Volgens Jesper Jonø, veiligheidsadviseur zeeredding bij Falck Safety Services, is het water van de Noordzee net zo moeilijk als de Golf van Biskaje, voor de westkust van Frankrijk. “Allebei ondiep, zodat grote golven vanuit de Atlantische oceaan hoogten van vier of vijf meter kunnen bereiken in het gebied waar de windmolens van Vattenfall staan. Veranderlijke zeeën maken zeilen moeilijker. En dan zijn er ook sterke stromingen die je mee kunnen sleuren als je in het water valt.” Dit laatste aspect is het enige dat niet in het bassin kan worden nagebootst. Christesen zegt: “Als je in het water valt moet je niet tegen de stroom vechten, maar proberen met de stroom mee de volgende windmolen te bereiken – en echt hopen dat je niet op de laatste windmolen in de rij aan het werk was, want dan is Engeland de volgende halte.”

Alle medewerkers van Vattenfall dragen een crewfinder, een apparaat dat na activering noodsignalen uitzendt.

Als de cursisten de ‘razende storm’ in het bassin hebben overleefd, allemaal in de reddingssloep zitten, en door de golven heen en weer worden geslingerd, hebben de instructeurs weer andere verrassingen voor hen in petto. Plotseling is het ronkende geluid van een helikopter hoorbaar. Eén voor één grijpen de deelnemers de strop die omlaag wordt gelaten, en ze verdwijnen slingerend omhoog naar de kraan die de reddingshelikopter simuleert.

Synchroon achterwaarts zwemmen is een speciale overlevingstechniek die getraind moet worden.

DE OPEN ZEE
De laatste praktijkoefening wordt in twee krachtige motorboten gehouden die met hoge snelheid de haven van Esbjerg verlaten, richting open zee. De deelnemers moeten nu laten zien dat ze bij hoge vaarsnelheid van de ene op de andere boot kunnen komen, en dat ze per twee door teamwork een gewonde collega uit het water kunnen tillen met behulp van een speciaal reddingstuig waarmee ze de persoon in nood met weinig moeite letterlijk aan boord kunnen rollen. Er is een zucht van opluchting te horen als de deelnemers aan het eind van de middag eindelijk hun overlevingspak uit kunnen trekken. Ze hebben bewezen dat ze van de boot op de windmolen kunnen overklimmen zonder in het water te eindigen. Alle deelnemers gaan naar huis met het gewenste bewijs waarmee ze op zee mogen blijven werken.

OVERLEVINGS-STRATEGIEËN

  1. Gebruik je gezonde verstand.
  2. Identificeer de risico’s.
  3. Weet hoe je uitrusting werkt.
  4. Gebruik je uitrusting op de juiste manier.

 

EEN EXCLUSIEF KIJKJE IN DE TRAINING?
Bekijk de korte video. 

Gerelateerde content